
Binnen de klas zorgen leerkrachten dat de basisinstructie aansluit bij de meeste leerlingen. “Ongeveer tachtig procent van de groep kan goed meekomen met de reguliere lesstof,” legt Madelon uit. “Voor de overige twintig procent bieden we iets extra’s. Kinderen die meer hulp nodig hebben krijgen verlengde instructie, terwijl leerlingen die meer aankunnen juist verrijking of verdieping krijgen. Zo krijgt iedereen onderwijs op maat.”
Blijkt extra hulp in de klas niet voldoende, dan kan ondersteuning ook buiten de groep plaatsvinden. “Kinderen oefenen dan gericht aan bepaalde doelen, bijvoorbeeld met lezen, rekenen of spelling. We doen dat in een rustig tempo, met concreet materiaal en veel herhaling. Voor leerlingen die juist extra uitdaging nodig hebben, is er onze plusklas of de bovenschoolse HB-klas.”

